HOE VERDIEN JE GELD MET JE MUZIEK

“Geld verdienen is zeker mogelijk en of dat lukt hangt er vanaf of je vanmiddag goed oplet”, aldus Hans Stekelenburg van Buma/Stemra tijdens Music Pitch Making Money van 18 januari in Pakhuis de Zwijger. De goedgevulde zaal, waaronder vele muzikanten, bevestigde opnieuw dat making money in Nederland Muziekland een heet hangijzer blijft. “Muziek blijft voor veel muzikanten sappelen” schreef de NOS naar aanleiding van een verontrustend onderzoek, waaruit bleek dat meer dan de helft van de popmuzikanten het moeten doen met € 9.000 per jaar. Maar deze Music Pitch laat zien hoe je dat beter kan doen, inclusief harde bedragen.

Hans Stekelenburg (Buma/Stemra) en Cyrille Smith (Sena) gaven eerst een snelcursus recht. Er zijn drie soorten rechten: uitvoeringsrechten, mechanische rechten en persoonlijkheidsrechten. Nederland zou Nederland niet zijn als de bewaking van deze rechten niet netjes verdeeld zouden zijn over verschillende instanties met elk regels. De uitvoeringsrechten betreffen openbaarmakingen van jouw muziek op de radio, streamingdiensten en optredens. Stemra gaat over de mechanische rechten en incasseert op haar beurt het geld waar je recht op hebt bij de verveelvoudiging van je muziek. Bijvoorbeeld bij het uitbrengen van een single of album. Het derde soort recht, de persoonlijkheidsrechten, worden voor een groot deel bewaakt door Sena. Als je als uitvoerend muzikant heb meegewerkt aan opnames van andere auteurs, heb je recht op een vergoeding als deze opnames gebruikt worden op tv, radio of internet.

Als muzikant heb je dus aardig wat rechten. Doordat de incasseringsinstanties elk jaar deals sluiten met zo’n beetje alle organisaties waar je als muzikant mee te maken krijgt, is het dan ook noodzakelijk om lid te worden. Uiteraard blijft er een deel aan de strijkstok hangen, maar bedenk dat het praktisch onmogelijk is om zelf te gaan onderhandelen met partijen als Spotify, 3FM of het plaatselijke poppodium. Over Sena: daar word je geen lid van, maar je meldt je gewoon aan. De Sena inkomsten zijn afhankelijk van de openbaarmaking op radio, tv en in het bedrijfsleven. En als je iets niet weet, pak je telefoon en stalk ze. Buma/Stemra en Sena zijn een van de weinige massa-instanties die wél goed bereikbaar zijn en je snel helpen met al je vragen.

Buma in je zak

Het grootste geld is te vangen bij de publieke omroep: 3 minuten op 3FM levert 20 euro op, 3 minuten op RTL4 100 euro. Een 3FM Megahit wordt zeven dagen lang, acht keer per dag gedraaid en levert je 1220 euro op. Sena keert voor een liedje op 3FM 10 euro uit, en voor een liedje op Radio 538 veertien euro. Bij Itunes verdien je slechts 5,7 cent per download en bij de streamingsdiensten gemiddeld 0,5 cent per stream. Dan komt daar ook nog bij dat alleen de streams of views tellen die uit Nederland afkomstig zijn. Dit enorme verschil – dat onmogelijk los staat van generatieverschillen en oude machtsstructuren – is misschien wel de belangrijkste motor achter de recent ontstane discussie over hiphopartiesten die miljoenen views op Youtube en Spotify hebben, maar bij de grote radiostations nog steeds geweigerd worden.

Verder zit het livecircuit al een tijdje in de lift. Niet alleen het aantal plekken om te spelen is enorm gegroeid, ook worden er steeds meer nichemarkten aangeboord door festivals en stijgen de prijzen van concerttickets al jaren. Dit geldt niet alleen voor bands die de HMH of Ziggo Dome uitverkopen, maar ook voor opkomende bands. Vergeet trouwens niet dat het laten zien van je setlist aan Buma je al snel 22 euro per optreden oplevert.

Ziel in de verkoop?

Z’n 10 jaar geleden waren artiesten nog niet zo happig om hun “ziel te verkopen” aan de commercie, maar productiemuziek onder reclames en films maakt steeds vaker plaats voor bestaande liedjes van artiesten. Aron van der Ploeg, oprichter van The Missing Sync, vertelt ons hoeveel je dat kan opleveren. Het uiteindelijke bedrag hangt af van de dur van het gebruik, het territorium en de media waarvoor het gebruikt wordt. Maar om een idee te geven: gemiddeld ontvangt een onbekende band een bedrag tussen de 10.000 en 20.000 euro, maar een Sinatra liedje loopt al snel op tot 80.000 euro.

En film? Ook hier, het hangt van vele factoren af, maar we hebben toch wat getallen boven water gekregen. Het maken van een hele score voor een Nederlandse arthouse-film levert je tussen de 15 en 25 duizend euro op. Weet wel dat je er maanden mee bezig bent. Een liedje onder een film uit hetzelfde genre levert je in de regel 1.000 en 4.000 euro op. Dit staat dan nog los van het geld dat Buma je uitkeert. De synch-vergoeding wordt vervolgens verdeeld onder de publisher (1/3) en de auteurs (2/3). Als de muziek bij de reclame of film past, verkoop je natuurlijk gewoon je muziek, en niet je ziel.

Hoe je met een synch bedrijf in contact komt? “Nou gewoon je muziek-linkjes opsturen, ik luister alles”, aldus Van der Ploeg.

Subsidieland

Cyrille Smith (Sena) en Floris Vermeulen (Fonds podiumkunsten) deden een boekje open over wat er hier voor jou als artiest te halen valt. Naast het geld dat Sena voor je kan ophalen bestaat er ook het Sena muziekproductiefonds voor het financieren van je albums. Met een goed plan en een goede social media achterban (tegen de 1000 volgers) kan Sena je elk jaar opnieuw maximaal 5.000 euro subsidie verlenen. Het gerucht in de wandelgangen dat Sena nog genoeg geld in haar potje heeft, wordt door Smith op aandringen van debatleider Ewout van der Linden bevestigd. “We hebben jaarlijks een bedrag van €200.000 ter beschikking voor het Sena Muziekproductiefonds. Mooi!

Het vooroordeel dat de meeste subsidie wordt uitgegeven aan klassiek en jazz wordt door Vermeulen tegengesproken. Dat zelfs een artiest als Mr Polska maar liefst 25.000 euro subsidie ontving voor een concertreeks van 15 concerten bewijst dat er met een goed plan heel veel mogelijk is. Een goed plan dus, maar wat is een goed plan? De standaard clichés dat je uniek en onderscheidend moet zijn, zal ik je besparen. De meest gemaakte fout is het hebben van een onrealistisch perspectief: “De doelgroep kent ons, want we hebben een aantal recensies online staan”, “mijn muziek is waar veel mensen op zitten te wachten”. Jammer genoeg was er weinig tijd voor kritische vragen, want ik vermoed dat je er best vanuit mag gaan dat ook hier het concept ‘ons kent ons’ soms zegeviert.

Wees een duizendpoot, wees een ondernemer

Met alleen Benny Sings schoot ik al vroeg in de stress: shit ik moet meer doen, ik kan hier niet van leven als ik straks kinderen krijg.” Het romantische beeld van het uitsluitend leven van je eigen band lijkt slechts te gelden voor de happy few. Liedjesschrijver Benny Sings vertelt over hoe het gevecht met zijn ambities er toe leidde dat hij volledig van zijn muziek is kunnen gaan leven. Zijn loon is drieledig: een derde verdient hij als producer en liedjesschrijver voor andere artiesten, een derde aan producties voor reclames en films en een derde aan zijn eigen solo project Benny Sings. Co-writes kunnen naast je eigen band dus erg belangrijk zijn voor een grotere spreiding van je auteursrechten en daarmee je uitgekeerde royalties. Het talent van liedjes schrijven gebruikt hij ook voor films en commercials. Het maken van een demo levert hem standaard 400,- op. Als het liedje wordt uitgekozen levert dit hem tussen de 2000 en 10.000 euro op.

Ondernemen is ook wat de musici achter Splendor hebben gedaan. 50 musici, vooral uit klassieke muziek en jazz, hebben met elkaar het kamermuziekpodium in centrum Amsterdam opgezet; nee, ze ontvangen geen subsidie, het podium draait volledig op bijdragen van leden en natuurlijk de recette. Het podium fungeert als een soort thuishonk voor de deelnemende musici. Zakelijk directeur Norman van Dartel: “De musici die betrokken zijn bij Splendor krijgen de sleutel van het gebouw en verder moeten ze de zaken zelf regelen. Ze moeten zelf techniek regelen voor een optreden, mogen helemaal zelf bepalen wat ze spelen. En ze kunnen bijvoorbeeld ook overdag repeteren als ze willen. En afgesproken is dat ze een deel van de recette krijgen.”

Het doet me denken aan de gezonde discussies die ik wel eens voerde met Jack Pisters, ontwerper van de popacademie op het Amsterdamse Conservatorium. Een afgestudeerde student zou een dergelijke academie niet alleen als topmuzikant, maar ook als zelfstandig ondernemer moeten verlaten. Het is op het eerste oog wellicht een weinig romantische visie, maar de muziekindustrie is minder saai dan het misschien doet voorkomen. Het is juíst een nieuwe wereld waar je het talent en de creativiteit die je al bezit óók in kan laten zegevieren.

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *